Constructief Hoeksche Waard wil gelijke onderwijskansen in het kader van armoedebeleid

In het onlangs verschenen rapport over verborgen armoede in de Hoeksche Waard worden kinderen een risicogroep genoemd. Hier wordt al aandacht aan besteed in de vorm van de meedoen regeling, die bedoeld is om kinderen mee te kunnen laten doen aan activiteiten en toegang te bieden tot schoolgerelateerde zaken. Deze regeling voorziet echter niet in het voorkomen van ongelijke onderwijskansen in het kader van armoedebeleid.

Als kinderen opgroeien in armoede, dan kan dat leiden tot ongelijke kansen in het onderwijs en later op de arbeidsmarkt en in de samenleving. Financiële problemen thuis hebben een negatief effect op de ontwikkeling van een kind en daardoor kan er een taalachterstand ontstaan, die op volwassen leeftijd leidt tot laaggeletterdheid. Kinderen uit gezinnen, die in armoede opgroeien lopen een grotere kans op armoede op latere leeftijd. Deze vicieuze cirkel, waarin armoede van generatie op generatie wordt doorgegeven, moet worden doorbroken, vindt Werner de Jong, fractievoorzitter van Constructief Hoeksche Waard. Het gaat er daarbij niet om of het om weinig of om veel kinderen gaat. Iedereen heeft recht op gelijke kansen. Daarnaast is uit een ander onderzoek gebleken dat dyslectie in de Hoeksche Waard gemiddeld meer voorkomt dan elders in Nederland. Dat vraagt om extra ondersteuning. Daarom dient hij volgende week dinsdag in de raadsvergadering een motie in met het verzoek aan het college om uit te laten zoeken of het mogelijk is om een extra voorziening in de meedoen regeling op te nemen of het aantal lesuren uit te mogen breiden voor kinderen van gezinnen die bijlessen niet kunnen betalen. Bijlessen zijn een belangrijk middel om kinderen te kunnen helpen bij hun ontwikkeling. We moeten altijd blijven investeren in een goede ontwikkeling van de jeugd.