RIVM: rubberkorrels op kunstgrasvelden kunnen schadelijk zijn voor milieu

Rubberkorrels op kunstgrasvelden kunnen stoffen lekken die terecht komen in de grond om de velden heen en op de bodem van sloten. Dat is slecht voor het milieu, maar niet voor spelende kinderen en huisdieren.

Volgens onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) gaat het om de stoffen zink, kobalt en minerale olie. De concentraties daarvan zijn rond kunstgrasvelden hoger dan rond echte grasvelden.

Het RIVM heeft de kwaliteit van het milieu rondom tien kunstgrasvelden van voetbalclubs in Nederland die zijn ingestrooid met het zogeheten rubbergranulaat vergeleken met de milieukwaliteit rondom echte grasvelden.

Moestuinen

Het milieu is vooral gevoelig voor zink. Dat beïnvloedt de biodiversiteit van het ecosysteem. Volgens het RIVM vormt zink voor mensen geen gezondheidsrisico’s.In slootwater en grondwater rondom de velden zijn ook verdunde concentraties gevonden, maar die hebben geen schadelijke effecten. Het instituut verwacht dat het water zonder bezwaar gebruikt worden, bijvoorbeeld om moestuinen mee te besproeien.

Advies

Het RIVM adviseert om te voorkomen dat weglekkende stoffen zich ophopen onder het kunstgras. Voetballers zouden de stoffen dan aan hun schoenen krijgen en verspreiden buiten het veld. Ook moet het weglekken van de stoffen via drainagewater moeten worden voorkomen. Hoe dat moet, is aan de eigenaren van de kunstgrasvelden.De kunstgrasvelden kwamen in 2016 in opspraak toen het tv-programma Zembla alarm sloeg, omdat in het rubbergranulaat stoffen zouden zitten die kanker kunnen veroorzaken. Dat leidde tot landelijke ophef.